Vers van de pers: het nieuwe Handboek Secretaris!
Artikel

Artikel

Door
Alice Lammerts van Bueren
Om wat meer richting te krijgen in iemands wensen, schets ik vaak een paar opdrachten die wij in portefeuille hebben, verwachten te krijgen of zelfs hebben gehad. Reacties geven me een inkijkje in hun gedachtewereld en scherpen bij mij het beeld van de gewenste functie of opdracht. Wanneer ik er één schets die volgens mij zeer goed zou passen, omdat deze haar met behoud van intellectuele uitdaging de perfecte overstap zou bieden naar het vak binnen een omgeving die haar aanspreekt, is haar allereerste vraag of ik verwacht dat ik een dergelijke functie “over een tijdje” ook voorbij zal krijgen. Ze heeft namelijk geen haast: haar man heeft zijn bedrijf verkocht ( “hij wist niet wat de toekomst zou brengen”) en ze willen nu eerst een grote reis maken. Zodra het weer kan. Ik schuif ongemerkt weer iets naar achteren.
Op dinsdag rijd ik naar een opdrachtgever in het zuiden van het land om een procedure gezamenlijk af te ronden. Onderweg bedenk ik me dat de werving van de bestuurssecretaris voor deze mooie functie wel iets anders is verlopen dan verwacht. Ja, het is een functie in een uithoek. Maar wat voor één! Een secretarisrol binnen een maatschappelijk uiterst relevante organisatie, waarin je je beweegt binnen een complex (intern en extern) stakeholderveld, samenwerkt met ambitieuze topbestuurders en veel vrijheid en verantwoordelijkheid krijgt in de invulling ervan. Een job met signatuur. Een uitdaging van formaat. Een omgeving die zowel inhoudelijk als fysiek tot de verbeelding spreekt.
En toch nam de procedure wel even tijd. Dit had alles te maken met de gevraagde kwaliteit, ervaring en capaciteiten in combinatie met de geografische ligging. Of eigenlijk andersom. Met het gezegde “als de berg niet tot Mohammed wil komen, moet Mohammed naar de berg gaan” -sommigen zeggen trouwens geen Mohammed maar Mozes- indachtig, werd heel Nederland mijn headhunting area. Ik durf te wedden dat een vorige generatie hun hele hebben en houden de auto in had gesleurd voor deze baan; in deze procedure is er uiteindelijk gekozen voor de allerbest passende professional, maar daarmee, vanwege zijn woonplaats, tevens voor een hybride invulling van de rol. Drie (flexibele) dagen ter plaatse; twee dagen vanuit huis. Uiteraard niet in beton gegoten en met de mogelijkheid tot opschaling wanneer de realiteit daarom vraagt. Ik vond en vind het spannend. Het was mijn eerste opdrachtgever die voor een vaste invulling in deze mate blijk gaf van modern werkgeverschap. Werkgeverschap dat verder gaat dan de belofte dat je “heus thuis wel eens iets uit kunt werken” en structureel de week door midden durft te hakken. In de rol van secretaris zeker geen vanzelfsprekendheid! Daarnaast een keuze met consequenties, voor beide partijen.
Op woensdag belt een vriend of ik tijd heb voor een kop koffie. M-i-d-d-e-n op de dag. Ik zal wel gek zijn, of ongelofelijk ongezellig. Is Corona dan een prétexte aan het worden? “Get a grip”, klinkt het aan de andere kant. Point taken.
Even later spreek ik met een secretaris die aangeeft dat hij door alles wat zich afgelopen jaar heeft afgespeeld, anders naar zijn leven is gaan kijken. Hij heeft te maken gekregen met een door Covid-19 ernstig ziek naast familielid en heeft van dichtbij meegemaakt dat het leven zomaar over kan zijn. Gelukkig is de desbetreffende persoon aan de beterende hand, maar de spanning rondom de situatie (en met name zijn gebrek aan tijd om daarmee om te gaan) heeft ook bij mijn gesprekspartner sporen achtergelaten. Het maken van lange dagen achter een scherm aan de keukentafel maakte hem al somber en gefrustreerd; de ontwikkelingen die erbij kwamen deden hem beseffen dat hij zijn leven wilde veranderen. En wel nu! Hij wilde niet afwachten hoe het post-corona tijdperk zijn baan laat interpreteren. Een overstap van grote, beursgenoteerde corporate naar kleinere niet-beursgenoteerde omgeving met meer oog voor de menselijke maat is de wens die ik als opdracht meekrijg.
Op donderdag vertelt één van de secretarissen die ik spreek dat ze het “niet meer te doen vindt” om haar functie te vervullen via het scherm. Ze werkt in een post-fusie organisatie en juist de onderstroom, de geluiden uit het informele circuit, dat wat echt leeft in de organisatie bereiken haar niet. Het is lastig sturen als je een deel van je informatiebronnen mist. Haar zorg betreft niet alleen de actuele situatie. Er gaan geluiden op om terug te gaan naar twee vaste dagen op kantoor. Zij vraagt zich af of dit niet automatisch een verschraling van haar functie inhoudt. Ze geeft aan dat het “dan geen zin meer heeft voor haar om zich aan een organisatie te verbinden” en overweegt rigoureus te gaan interimmen. Ze heeft dan tenminste zélf in de hand waar en wanneer ze werkt.
Een andere secretaris vertelt me over hoe hij een overstap overweegt naar een sector met een grotere maatschappelijke relevantie. Ook bij hem hebben de maanden thuis hun uitwerking niet gemist: hij heeft zijn leven onder de loep genomen en heeft zich heldere doelen gesteld voor de toekomst. “Het is vreemd”, stelt hij, “wat een beetje afstand tot het werk doet. Ik heb echt niet stilgezeten, heb het zelfs hartstikke druk gehad, maar het feit er een scherm tussen zit, verandert veel. Het was ook echt wennen dat het relatief stil was. Het werkt in feite superefficiënt. Ik ben dan ook erg productief: kan bergen werk verzetten. Wat me nekt is dat die 10 uur per dag aan een bureau op zolder geen voldoening geven. Precies dat heeft me aan het denken gezet”.
Op vrijdag komt mij een artikel uit de New York Times onder ogen en maak ik kennis met de term YOLO Economy. Mijn adem stokt. Laat het onrustige onderbuikgevoel dat ik aan de gesprekken die week -die overigens niet op zichzelf staan- heb overgehouden, zich hierdoor verklaren?
Yolo, jou vast wel bekend, is het acroniem voor de Engelstalige uitdrukking you only live once ("je leeft maar één keer"), die vergelijkbaar is met de uitdrukking carpe diem. Er wordt mee bedoeld dat kansen direct aangegrepen moeten worden, ook als dit risico’s met zich meebrengt.
Het acroniem werd eind 2011 bekend doordat het werd gebruikt in de single "The Motto" van de Canadese rapper Drake. Eind 2012 vroeg Drake aan de winkelketens Walgreens en Macy's om hem te betalen voor de door hen verkochte producten waar de term "YOLO" op was afgedrukt.² Het sloeg namelijk nogal aan, vooral onder jongeren.
Volgens Kevin Roose, technology columnist, en schrijver van de bestseller “Futureproof: 9 Rules for Humans in the Age of Automation”, heeft Covid-19 de term -en vooral de daaruit voortvloeiende attitude- weer springlevend gemaakt. Hij stelt dat (met name jonge) professionals veelal een burn out hebben van het hangen boven hun MacBooks en de back-to-back Zoom meetings. In antwoord daarop zouden zij meer dan ooit bereid zijn hun steady banen vaarwel te zeggen, hun leven over een andere boeg te gooien en op zoek te gaan naar “postpandemic adventure”.
Kevin Roose - Technology columnist New York Times
Natuurlijk: de pandemie is nog niet voorbij en vele miljoenen mensen wereldwijd rouwen nog steeds om het verlies van banen en dierbaren. Niet iedereen kan het zich veroorloven om de kont tegen de krib te gooien. Maar voor een groeiend aantal professionals met financiële reserves en veelgevraagde vaardigheden, maken de angsten en beperkingen van het afgelopen jaar plaats voor een nieuw soort professionele onbevreesdheid.¹ De pandemie veranderde hun prioriteiten en deed hen realiseren dat ze bovenal weer plezier in en autonomie over het leven wilden ervaren. Op professioneel vlak is intrinsieke motivatie de norm geworden en wil men bewust voor een vervolgstap kiezen.
Christina M. Wallace - Senior Lecturer of Business Administration, Harvard University
“Wegkwijnen” is dan wel de dominante emotie van 2021; “YOLOing" is wellicht de bepalende trend op werkgebied.¹ Zou Drake iets voorvoeld hebben? Uit angst voor een uittocht proberen werkgevers het moreel te stimuleren en burn-out te voorkomen. Roose somt op: “LinkedIn gaf onlangs de meerderheid van zijn werknemers een betaalde week vrij, terwijl Twitter-werknemers een extra vrije dag per maand hebben gekregen om op te laden in het kader van een programma genaamd #DayofRest. Credit Suisse gaf zijn junior bankiers $ 20.000 "lifestyle allowances", terwijl Houlihan Lokey, een ander Wall Street-bedrijf, veel van zijn werknemers volledig betaalde vakanties schonk.
Loonsverhogingen, financiële tegemoetkomingen en vrije tijd kunnen sommige werknemers ertoe verleiden om op hun plek te blijven. En terugkeer naar kantoor zal voor een groep medewerkers ook weer evenwicht in hun leven brengen. Maar voor velen is stagnatie juist het probleem (“terug naar de pre-Corona setting voelt als geen optie”) en de enige oplossing daarvoor is radicale verandering.
Kevin Roose - Technology columnist New York Times
De reden voor deze desillusie lijkt met name te liggen in het feit dat het afgelopen jaar duidelijk heeft gemaakt hoe ondernemingen hun werknemers echt waarderen. Het is een uitdaging geworden om te blijven werken voor werkgevers die gewoon doorgaan, zonder rekening te houden met de wijze waarop levens van de ene op de andere dag zijn veranderd.
Er zijn ook trendwatchers die de individuele YOLO-beslissingen (deels) toeschrijven aan uiteenlopende factoren: bore- of burn out, lage rentetarieven, de opkomst van nieuwe snel-rijk-regelingen zoals NFT's en meme-aandelen. Maar velen lijken verband te houden met een diepere, universele desillusie, en het gevoel dat de economie verandert op een manier die daredevils beloont en loyale harde werkers straft. In feite komt het erop neer dat werknemers wederzijdse commitment zoeken. Ze willen simpelweg weten: “Gaat dit bedrijf mij steunen wanneer het moeilijk wordt?”¹
Kevin Roose: "Several people in their late 20s and early 30s — mostly those who went to good schools, work in high-prestige industries and would never be classified as “essential workers” — told me that the pandemic had destroyed their faith in the traditional white-collar career path. They had watched their independent-minded peers getting rich by joining start-ups or gambling on cryptocurrencies. Meanwhile, their bosses were drowning them in mundane work, or trying to automate their jobs, and were generally failing to support them during one of the hardest years of their lives."
Ook al is de keuze voor een andere invulling van het professionele leven in veel gevallen reactief, ingegeven door een negatieve ervaring, het post-Corona tijdperk lijkt de gevestigde orde dermate overboord te gooien dat er door velen weer vanuit eigen waarden en drijfveren gekozen wordt. Kennelijk hadden we net dat extra zetje nodig. Hoe heftig de impact ook is, het stilstaan heeft ons doen snakken naar écht leven en ons het lef verschaft stappen te nemen. Verdomme, die Drake. Ik had het eerlijk gezegd niet gezocht achter die smooth moves en rappersattitude.

© Copyrights 2026